lucky

Gistermiddag ging ik met mijn vader in de heerlijke Rotterdamse bioscoop KINO naar Lucky (John Carroll Lynch), de laatste film waarin Harry Dean Stanton te zien is. Het is lang geleden dat een film me zo raakt. Dialogen als een perfect uigevoerd biljartspel, David Lynch in een even hilarische als prachtige bijrol, maar vooral: Harry Dean Stanton in een hem op het lijf gesneden rol als door het leven getekende pensionado. Een grumpy old man die met zijn liefdevol gesnauw zichzelf omringd weet door een kleine groep vrienden. Zoals Stanton door een leeg landschap met een vreemd soort van elegantie weet te strompelen: onvergetelijk. De medemenselijkheid waarmee de bardame hem thuis opzoekt: diep ontroerend. En Stanton die een mariachi zingt: allez, toen brak ik hoor. Noem mij maar sentimenteel, maar wat een ongelofelijk mooie film, wie de hel is John Carroll Lynch eigenlijk?

Nooit geweten: turtle – zeeschildpad, tortoise – landschildpad.

Have you ever had flan? It has an unusual consistence.

studio ghibli films in lab 111

LAB11Ghibli

Gisteravond zag ik twee films uit de reeks Ghibli-films die Lab 111 zo terecht in deze naargeestige maand heeft geprogrammeerd. The secret world of Arriety (2010) is een aardige kinderfilm, maar mist naar mijn smaak toch de meesterhand van Hayao Miyazaki. Ik had Miyazaki’s ‘laatste’ film The Wind Rises (2013) nog nooit gezien – wat een prachtige film! Het zijn de kleine details die het bijzonder maken, zoals de epische vertraging waarmee een personage in zijn koffer naar een meetlat reikt om een gebroken been provisorisch te spalken na een gigantische aardbeving. Of de menselijke stemmen die verborgen zijn in de geluiden van de vliegtuigen. De droomsequenties en de landschappen, het is allemaal van een schoonheid waar je heel stil van wordt van binnen. Om nog maar te zwijgen over de subtekst van culturele kruisbestuiving, de pseudozuideuropese folkloristische muziek, de tragiek van Japan als As-mogendheid en de moraliteit of immoraliteit van uitvinders.

Tot mijn vreugde was het goed vol in Lab 111, het Ghibli-retrospectief voorziet blijkbaar bij meer mensen in een behoefte. My neighbor Totoro uit 1988, die ik nog nooit heb gezien is al uitverkocht, helaas! Wees er dus snel bij met reserveren.

idfa: de funk

 

album cover

Betty Davis, Betty Davis (Just Sunshine, 1973/Vinyl Experience, 1993)

Vanavond (18.45u) heeft IDFA @ Melkweg Rabozaal een documentaire over cultfunkfenomeen Betty Davis op het programma staan: Betty – They Say I’m Different van Phil Cox. Heel benieuwd, haar drie jaren zeventig albums (Betty Davis, 1973, They Say I’m Different, 1974, Nasty Gal, 1975) waren ooit mijn introductie into deep funk.

Compromislozer funk als F.U.N.K. (van haar derde album Nasty Gal) is mij tot heden niet bekend. Je kan stellen dat met dit epische nummer funk als genre tot een logische conclusie kwam. Ook Anti Love Song (naar verluidt gericht aan haar ex-man Miles Davis) staat al sinds mensenheugenis in mijn persoonlijk pantheon van deep funk classics. Eén en al licht, lucht en ruimte in die baslijn en drums, plus heerlijk impressionistische, ruggelings kietelende toefjes kleur op clavinet.

Betty Davis, afkomstig uit de modewereld, wist welke musici ze moest hebben, o.a. Larry Graham en Pointer Sisters staan haar bij op haar debuutalbum. Tijdens haar korte huwelijk met Miles liet ze hem kennis maken met de muziek van Sly Stone en James Brown en suggereerde en passant een betere titel voor zijn revolutionaire jazzrock album ‘Witches Brew’ uit 1970 – Bitches Brew leek haar een betere titel.

Zwart, vrouw én libertijns – het bleek teveel gevraagd voor erkenning in die tijd. Ze bleek voor Miles te heavy (of hij te saai voor haar), hun huwelijk strandde na een jaar. Gecombineerd met de wijze waarop ze na drie legendarische funk albums geheel uit de muziekwereld verdween lijkt me dit alles genoeg stof voor een interessante documentaire.

“Unfortunately for Betty, America was not yet ready to embrace a woman with such an explicitly sexual persona. Her outrageously flamboyant image eclipsed her talent. Several of her live shows were boycotted by religious groups and even canceled.” (AllAboutJazz.com)

Voorfilm: Erin Kökdil, Unheard (V.S., 2016, 6 min.).

Naschrift: de film viel erg tegen, vooral wegens gebrek aan materiaal. Er bleek één kort fragment van Betty live in de seventies gevonden te zijn, van slechte kwaliteit. Het tekort werd opgevuld met pogingen tot videoclips, op basis van steeds dezelfde foto’s. Betty zelf was opgespoord, maar komt niet in beeld (!). De tragiek in haar leven werd verbeeld met verdorrende rozen en meer van dat kaliber symboliek. Jammer!

IDFA 2017: Jonathan Harris

Jonathan Harris

Jonathan Harris, Tuschinski, november 17, 2017. © Nichon Glerum/IDFA.

Voor het Cultureel Persbureau ging ik naar de Master Talk van Jonathan Harris (een digitale kunstenaar die dit jaar de artist in focus is van IDFA) en de DocLab conferentie en schreef er dit artikel over. Later vandaag ook leesbaar voor gebruikers van Blendle en Reporters Online.

3 IDFA tips

ethiopiques 1-29.jpg

Ethiopiques, volume 1 t/m 29.

Terwijl ik het papieren magazine nog aan het verwerken ben – wat een aanbod nu weer! – alvast drie IDFA tips.

1. Uncharted Rituals @ de Brakke Grond
DocLab, het IDFA podium voor interactieve mediakunst, heeft in (en buiten) de Brakke Grond een expositie ingericht met een dertigtal installaties, waarbij me de aangenaam kritische ondertoon vooral opviel. Treffend citaat uit de programmakrant: “Verslaafd aan telefoons, gevangen in virtuele filterbubbels en afhankelijk van een handjevol tech bedrijven gedragen we ons in de ogen van de computer steeds voorspelbaarder.” Met o.a. werken van Jonathan Harris en Memo Akten. Iedere dag van 9u tot 23u gratis toegankelijk, tot en met zondag 26 november.

2. Ethiopiques – Revolt of the soul + live: Girma Bèyènè & Akalé Wubé @ Melkweg
Eerder dit jaar zag ik op de Nijmeegse Music Meeting de Franse groep Akalé Wubé samen met de Ethiopische zanger/componist Girma Bèyènè. IDFA heeft Maciek Bochniak’s Ethiopiques – Revolt of the soul (Polen/Duitsland, 2017, 70 minuten) geprogrammeerd, een documentaire over de inmiddels legendarische cd-reeks van Francis Falceto. Daarna dus live muziek van Girma Bèyènè & Akalé Wubé, op maandag 20 november in de Melkweg Rabozaal, de film begint om 21.15u.

De film draait zonder live concert op dinsdag 21 november om 13.45u in Tuschinski 4, zaterdag 25 november om 14.00u in Podium Mozaïek en zondag 26 november om 16.45u in Munt 9.

3. Amal (Mohamed Siam)
De openingsfilm Amal deed me sterk denken aan Sonita (2015), maar wat deze film bereikt aan ‘fly on the wall’ registratie maakt het extra bijzonder. Bij Sonita grepen de filmmakers vaak in, terwijl Siam doet voorkomen alsof de camera simpelweg niet aanwezig was. De aangrijpende beelden van de Egyptische revolutie geven deze westerse kijker het onbehaaglijke gevoel hier in een decadente democratie te leven, waarin mensen niet meer beseffen hoeveel er nodig was om stemrecht mogelijk te maken.

electro pioniers

Gisteravond zag ik in Lab 111 tijdens een ADE special een wonderlijke film over Suzanne Ciani, een Italiaans-Amerikaanse electronische muziekpionier. En woensdagavond zag ik in Noorderlicht een screening van een film over Gary Numan, die werd gepresenteerd door IN-EDIT, een van origine Spaanse muziekdocumentaire festival. Eind februari komt dit festival naar Amsterdam. Voor Cultureel Persbureau schreef ik een recensie van de twee films.

manifesto

2017-10-13 18.49.01

Julian Rosefeldts Manifesto is een even indringende als ongemakkelijke ervaring. Eerder dit jaar te ondergaan als installatie tijdens het Holland Festival, nu in 16 filmtheaters te zien als film. Uit een karrenvracht historische manifesten stelde Rosefeldt (beeldend kunstenaar, geboren in 1965) een collagetekst samen die door Cate Blanchett in dertien verschillende rollen wordt vertolkt.

Blijkens interviews en de aftiteling heeft Rosefeldt een eerbetoon willen geven aan het kunstenaarsmanifest. Ergens is dat vreemd, omdat zijn film maar weinig ruimte laat voor waardering van deze tekstvorm. Die genadeloze opsomming van pretenties, vanaf de Romantiek tot en met het postmodernisme zorgt voor grimlachjes en ongemakkelijk schuiven in je stoel: wat een wezenloos artistiekerig gebabbel! Vooral die megalomane aanspraak op het zogenaamde wereldhistorische belang van kunst gaat danig irriteren.

Het contrast tussen de ponteneur van de tekst met de alledaagse situaties waarin Blanchett die tekst brengt werkt heel bevreemdend, en vaak ook vreselijk grappig. Vreselijk en grappig tegelijkertijd. Bij sommige fragmenten merkte ik bij mezelf dat ik meer zat te luisteren dan te kijken – deze film vraagt om een tekstuitgave. Het sterkste fragment betreft een vlijmscherp mediakritiek statement: hoe de sensatiezucht van de grote, neoliberale mediamachten de democratie ontwricht. Als anchorwoman van staal maakt Blanchett een allesverzengende indruk.

Met een hart vol vraagtekens verliet ik het Haagse Filmhuis. Vanwaar de kunsten? Is dit een kritiek op de kunstenaar of de kunstcriticus? Of allebei? Werd kunstbeschouwing in de Romantiek een megalomane bedoeling of was dat al eerder aan de gang? Blijft een kunstvorm die zich rigoureus vastbijt in louter het ambachtelijke onbesmet van al deze poeha? Is er na deze Blitzkrieg van Rosefeldt nog een integere vorm van kunstbeschouwing denkbaar? Of van kunst? Is die typisch Nederlandse cultuurpolitieke eis van ‘cultureel ondernemerschap’ niet een angstaanjagende farce waar we zo snel mogelijk vanaf moeten? Wat dit laatste betreft dacht ik aan de prachtige woorden van bioloog Dick Hillenius die dit modieuze beleidsuitgangspunt reeds in 1974 heeft ontkracht.

“In die wereld is de functie van de kunstenaar, de woedende eenling, om gaten te maken in deze betonnen termietenheuvel, ademgaten, ondermijningen van elke absoluutheid. En juist omdat hij de materialen van deze wereld gebruikt en omzet tot iets van eigen weefsel, eigen territorium, is de kunstenaar een voorbeeld van ontsnapping.”

Het hele fragment is hier te lezen. De biologische benadering van Hillenius heeft me altijd aangesproken en komt me voor als weldadig apolitiek en dus overtuigend. Zijn opvatting staat haaks op de huidige praktijk in Nederland, waar je pas een kunstenaar bent als je zegt eigenlijk een ondernemer te zijn. Terwijl ik steeds meer aversie tegen die opvatting krijg: het zijn wezenlijk andere sferen. Nu de eindigheid van het kapitalistisch systeem steeds dichterbij komt hebben we meer dan ooit kritische stemmen nodig van buitenaf.

Met Manifesto schiep Rosefeldt een fragmentatiebom van een statement, dat ik hierbij dringend wil aanraden aan iedereen die zich bezig houdt met de vraag welke kunst ertoe doet en welke niet. Een louterende ervaring in letterlijke zin: eerst zuiveren, dan zien wat er overblijft. In die zin is deze hyperkritische film een daad van liefde, net zoals de romans van Houellebecq niet over de dood gaan, maar over gekapitaliseerde liefde en verdwenen oprechtheid.

NB: de opstijgende duif tussen de schoolkinderen in slow motion (het laatste tafereel van de film) kwam bij mij na al het gepraat binnen als een blikseminslag van haast ondraaglijke schoonheid. Bekeer ik mij hiermee tot een Romantisch manifest? Ontsnapt deze film aan zijn eigen premisse? Drie dagen later heerst Rosefeldt nog steeds in mijn systeem ..

all anxieties tranquilized

network
Network (Sidney Lumet, 1976. Met: Faye Dunaway, Peter Finch, William Holden, scenario: Paddy Chayefsky).

Arthur Jensen: You have meddled with the primal forces of nature, Mr. Beale, and I won’t have it! Is that clear? You think you’ve merely stopped a business deal. That is not the case! The Arabs have taken billions of dollars out of this country, and now they must put it back! It is ebb and flow, tidal gravity! It is ecological balance! You are an old man who thinks in terms of nations and peoples. There are no nations. There are no peoples. There are no Russians. There are no Arabs. There are no third worlds. There is no West. There is only one holistic system of systems, one vast and immane, interwoven, interacting, multivariate, multinational dominion of dollars. Petro-dollars, electro-dollars, multi-dollars, reichmarks, rins, rubles, pounds, and shekels. It is the international system of currency which determines the totality of life on this planet. That is the natural order of things today. That is the atomic and subatomic and galactic structure of things today! And YOU have meddled with the primal forces of nature, and YOU… WILL… ATONE! Am I getting through to you, Mr. Beale? You get up on your little twenty-one inch screen and howl about America and democracy. There is no America. There is no democracy. There is only IBM, and ITT, and AT&T, and DuPont, Dow, Union Carbide, and Exxon. Those are the nations of the world today. What do you think the Russians talk about in their councils of state, Karl Marx? They get out their linear programming charts, statistical decision theories, minimax solutions, and compute the price-cost probabilities of their transactions and investments, just like we do. We no longer live in a world of nations and ideologies, Mr. Beale. The world is a college of corporations, inexorably determined by the immutable bylaws of business. The world is a business, Mr. Beale. It has been since man crawled out of the slime. And our children will live, Mr. Beale, to see that… perfect world… in which there’s no war or famine, oppression or brutality. One vast and ecumenical holding company, for whom all men will work to serve a common profit, in which all men will hold a share of stock. All necessities provided, all anxieties tranquilized, all boredom amused. And I have chosen you, Mr. Beale, to preach this evangel.

Howard Beale: Why me?

Arthur Jensen: Because you’re on television, dummy. Sixty million people watch you every night of the week, Monday through Friday.

Howard Beale: I have seen the face of God.

Arthur Jensen: You just might be right, Mr. Beale.

 

homo sapiens

Homo Sapiens

Still uit Homo Sapiens van Nikolaus Geyrhalter.

Onlangs zag ik kort achter elkaar 2001 – a space odyssey (Kubrick, 1968), Into the inferno (Herzog, 2016) en Homo Sapiens (Geyrhalter, 2016). Hoewel vooraf niet zo bedacht, pakken deze drie films thematisch samen als een stevige onweerswolk boven mijn gemoed. 2001 zag ik voor het eerst op groot scherm, de 70 mm projectie die momenteel in Eye is te zien. Into the inferno had ik helemaal gemist, die blijkt Herzog vorig jaar voor Netflix gemaakt te hebben. Homo Sapiens draait nog even in Lab 111. Denkelijk niet lang meer: er waren – heel passend bij deze film – twee andere bezoekers.

Het zijn drie variaties op een thema: de mensheid is nietig, de uiterste houdbaarheidsdatum komt in zicht. Drie verhalen die primair met beeld worden verteld – plot, acteurs en menselijke inbreng zijn van ondergeschikt belang. Kubricks magnum opus blijft overweldigend. Bij de fameuze woorden van HAL (‘I’m sorry Dave, I’m afraid I can’t do that’) is het onmogelijk om niet aan Elon Musks bedenkingen bij kunstmatige intelligentie te denken.

Herzog komt samen met een aimabele Britse vulkanoloog akelig dichtbij de totale vernietiging die onder het aardoppervlak schuurt. Into the inferno zit vol met verbijsterende beelden van actieve vulkanen en lavastromen die langs de mens scheren. De Ethiopische en Noord-Koreaanse (!) zijpaden die Herzog volgt blijken bij nader inzien helemaal niet zo vergezocht en vormen een mooi contrast met het onverschillige natuurgeweld. De mens streeft, de natuur neemt. Niet eens als toornig personage, ontstemd over menselijk wanbeheer – nee, uit de aard der zaak: gewoon omdat het kan.

Wanneer Herzog de magmakern van deze planeet overdenkt (“This boiling mass is just monumentally indifferent to scurrying roaches, retarded reptiles and vapid humans alike.”) zit je al bijna in het hart van de verbijsterende film Homo Sapiens. De Oostenrijkse cineast Nikolaus Geyrhalter toont een eindeloze reeks door de mens verlaten lokaties. Desolate plekken waar de natuur bezig is terug te keren. Bioscopen, schouwburgen, fabrieken, huizencomplexen, kantoren en pretparken waar geen levende ziel meer te bekennen is. Ongeveer vijftien seconden per beeld, steevast vanuit hetzelfde strenge, klassieke perspectief, zonder nadere informatie over de oorzaak van verlating. Je gaat als vanzelf ordenen: deze reeks .. zou het Fukushima na 2011 zijn? Of plekken van na de tsunami van 2004? Syrië?

Wonderlijk is de loutering die toch ook van deze film uit gaat – naast de wat meer voor de hand liggende, desolate emoties. Geyrhalter biedt zogezegd geen diavoorstelling bij een literaire avond omtrent Houellebecq, hoewel zijn film me wel sterk aan de Franse schrijver doet denken – vooral Houellebecqs fotoboek Lanzarote. Dana Linssen omschrijft die onverwachte, montere nawerking van Homo Sapiens in een recensie voor de Filmkrant treffend als volgt: “Het idee dat er een wereld bestaat die misschien niet van onze zintuigen afhankelijk is maakt je ogen dorstig en je oren hongerig. Kijken! — voordat er niets meer over is.”

opkomend racisme

de-oplossing-still-photo-1-chris-van-houtsFilmtip: op zondag 12 maart (aanvang 14:00u) is er in Lab 111 een eenmalige vertoning van de film De Oplossing? van regisseur Sander Francken (Nederland, 1983, 65 minuten). Ik heb deze film nog niet gezien, maar ben nieuwsgierig want eerdere films van deze regisseur over de Malinese stad Djenne en internationale wapenhandel kwamen behoorlijk bij mij binnen. Voor Cultureel Persbureau (ook te lezen door gebruikers van Reporters Online en Blendle) schreef ik er gisteravond een vooraankondiging over.

Update 3 maart: wegens grote belangstelling heeft Lab 111 een extra screening op zondag 12 maart toegevoegd, om 17:00u.