overleven – een methode

In 2016 kocht ik één cd, op dringend aanraden van een vriend. Ik ben hem dankbaar, want het is prachtig en ik draai het maandelijks. Maar goed, dit staat er nu veel op, momenteel at Tchong’s. Doe er uw voordeel mee, of niet.

ethiopiques 30.jpeg

Nummer 30, reeds!

Pixvae, Pixvae (Buda Musique/XMD)
Girma Bèyènè & Akalé Wubé, Mistakes on purpose (Éthiopiques, volume 30) (Buda Musique/XMD)
Béton Armé, Chamber music by Iannis Xenakis (BV Haast)
Trio 7090, 709001 James Fulkerson (www.zeventignegentig.nl)
Trio 7090, 709003 Michael Finnissy (www.zeventignegentig.nl)
Nora Mulder & Rogier Smal, idem
The Brotherhood Youth Fellowship Choir, My Joy Is So Great In Olumba, Music From Heaven, Exotic Gospel (SOMU 5) NB: dank aan zielsverwant F.!
Luna Zegers, Entre dos Mundos (Moonday Records)
Bongomatik, Espanderland (Indieplant)
Jeditah, Waves (eigen beheer) (ex-collega maakt prachtige muziek)
Ruud Houweling, Erasing Mountains (Arland Records/PIAS)
CaboCubaJazz, Corason Africano (Timbazo/MatosMusic)
Erik Voermans, Still (Attacca)
Erik Voermans, Yabanraku (eigen beheer)
Waed Bouhassoun, La voix de la passion (Buda Musique/XMD)
King Champion Sounds, To awake in that heaven of freedom (Excelsior)
King Champion Sounds, Fool Throttle/Debby One Day (Tractor Notown, 7″)

Uit het archief trok ik deze items, die ook vaak weer klinken:
Roy Nathanson, Subway Moon (Yellow Bird Records, 2009)
Elza Soares, Vivo Feliz (Recohead, 2003)
Elza Soares, dO CÓCCIX atÉ O PesCOçO (Discos Maianga, 2002)
Peregoyo Y Su Combo Vacana, Tropicalisimo (Discos Fuentes, 1972/World Circuit 1989)
Peregoyo Y Su Combo Vacana, El Rey Del Currulao (Otrabanda Records, 2004)
Dinosaur Jr., Give A Glimpse of What Yer Not (JagJaguwar, 2016)

Vannacht had ik mijn jaarlijkse Trout Mask Replica moment. Zal wel de nawerking van de volle maan zijn geweest, maar wat blijft dát een monument van een plaat. Niet te geloven!

Advertenties

rode mapjes

Bij de grote januari schoonmaakactie in mijn privémuseum hervond ik het boek dat in 2007 werd uitgebracht ter gelegenheid van het twee jaar daarvoor geopende Muziekgebouw aan het IJ. Ik was vergeten dat er een cdtje bij zat met vier stukken erop. Het vierde stuk is een registratie van de openingsspeech die Jan Wolff (voormalig directeur IJsbreker, meer dan twintig jaar enthousiast pleitbezorger voor een concertzaal voor nieuwe muziek én eerste directeur van het Muziekgebouw aan het IJ) hield op 15 juni 2005.

Jan was een aimabel man om tegen te komen bij concerten. Twee herinneringen springen meteen uit de mist der tijden. Eens sprak ik hem op zijn kantoor over een op te zetten symposium over wereldmuziek en de noodzaak voor de professionals om hier met een frisse blik naar te kijken. Naast het raam van zijn kamer hing een tijdschema met de aankomst- en afvaarttijden van de cruiseschepen van de buurman. Hoe hij hierover vertelde (en over zijn privéschip, een historisch geval van prachtig hout) brak meteen al ieder ijs, en die vriendelijke ambiance werd nog versterkt toen ik mijn voorstel uit de tas haalde.

[Dit stuk is in zijn geheel te lezen op het cultureel persbureau ]

 

Kate Pierson (The B-52’s)

the-b-52s-(2008)

The B-52’s in 2008: vlnr Cindy Wilson, Fred Schneider, Kate Pierson, Keith Strickland.

(NB: eerder verschenen in Het Parool, 2008)
Na zestien jaar verscheen onlangs Funplex, een nieuw en verrassend geslaagd album van The B-52’s. Zaterdag staat de groep die de Amerikaanse new wave dansbaar heeft gemaakt in Paradiso.
Jaïr Tchong
Het nostalgisch futurisme van tekenfilmserie The Jetsons. De vileine cultuurkritiek van The Simpsons. De ‘less is less’ esthetiek van retrowinkels zoals Kitsch Kitchen. Maniakaal spreekgezang door Fred Schneider, rake salvo’s uit de heup van gitarist Keith Strickland en glasheldere koortjes in sixtiesstijl door Cindy Wilson en Kate Pierson. The B-52’s zijn terug, en wederom klinkt men als een live radiouitzending uit een parallel universum. Terwijl de toerbus ergens tussen Stuttgart en Bonn snelt spreken we met Kate Pierson, vanaf het begin de gezichtsbepalende zangeres. Na dertig jaar en duizenden interviews klinkt ze nog steeds alsof ze voor het eerst naar haar drijfveren wordt gevraagd.
Pierson: “Toen wij begonnen bestond in Athens, Georgia geen muziekscene. Alleen aan de universiteit had je een kunstzinnig klimaat waarin geëxperimenteerd kon worden. Op de middelbare school had ik een folkband, The Sun Donuts, en Cindy had toen ook al haar eigen groep. Fred Schneider schreef poëzie. Hij en Ricky (Ricky Wilson, broer van Cindy en gitarist en oprichter van The B-52’s, in 1985 overleden aan AIDS) speelden soms samen, maar niemand had vooraf bedacht dat we een band moesten beginnen. Op Valentijnsdag 1976 was het zover: The B-52’s onstond na een Flaming Volcano, een cocktail met vier soorten alcohol, op een feestje.”
In de studentenwereld van Athens maakte de groep razendsnel furore. Pierson: “The Fans, de enige punkband van Atlanta, riepen meteen: jullie moeten naar New York!” In de daar bruisende new wave scene werd de single Rock Lobster een hit, en het eerste concert legendarisch. “Voor onze eerste gig in New York hadden we voor de zekerheid een vriendenclub uit Athens meegenomen. Het was hilarisch: in CBGB’s (een vermaarde punk en new wave club) stond iedereen, uitgedost in zwart leer, tegen de muur geleund vooral heel ongeïnteresseerd te doen. Maar onze vrienden begonnen meteen wild te dansen, waardoor we uiteindelijk CBGB’s in beweging kregen.” Op de bonustrack van Funplex hoor je hoe ongelofelijk strak men toen al klonk.
Het nieuwe album verschilt niet wezenlijk van de meeste voorgangers: alleen aan de subtiele electronica hoor je de invloed van de nieuwe producers, die eerder het geluid van New Order deden. In de teksten wemelt het vertrouwd van martini miles en pink helicopters. Maar net als in The Simpsons schuilt er een kloppend hart achter alle formica science-fiction decors. In de videoclip van Funplex snort zanger Fred Schneider op een segway, het kolderieke motortje waarmee de vooruitstrevende zakenman zich voortbeweegt, door een eindeloos uitdijend winkelcentrum. “Je zou Funplex inderdaad een mall from hell kunnen noemen. Het Amerikaanse winkelcentrum, dat is consumerism in de hoogste versnelling. Voor de gemiddelde Amerikaan is het de de plek waar het gehele leven zich voltrekt. Heb je gehoord van mallwalks? Lichaamsoefening voor bejaarden. Waar ik woon wordt het mallmonster gelukkig nog tegengehouden, zelfs Mac Donald’s komt mijn dorp niet in. Ik run een motel in de buurt van Woodstock: Kate’s Lazy Meadow. Het is echt mijn droomplek. Samen met wat vrienden heb ik alle kamers ontworpen.”
Eén van de mooiste nummers van Funplex is vernoemd naar Federico Fellini’s Giulietta degli spiriti (1965), een psychedelische ziektegeschiedenis van een vrouw op zoek naar seksuele bevrijding. Net als de muziek van The B-52’s geldt hier vooral: laat eerst alle logica kortsluiten en geniet dan van de schier onuitputtelijke verbeeldingskracht. Pierson: “Tijdens onze eerste tournee door Japan, eind jaren zeventig, hebben we serieus een naamswijziging overwogen: Fellini’s Children. Fellini’s wereld, vol met archetypische vrouwen, heeft ons altijd geïnspireerd.”
“In de tourbus gaat nu een fotoboek van Astrid Kirchherr rond, die fotografe die zo mooi de Hamburgse periode van The Beatles heeft gefotografeerd. Prachtig, maar het is echt een andere tijd. Het verlangen naar onschuldiger tijden zal altijd onze muziek bepalen. De Bushjaren zijn zó depressief geweest. Vanaf het moment dat hij de verkiezingen stal is het enige dat iedereen in onze vriendenkring bezig hield: hoe kunnen we deze gek stoppen? Als Barack Obama niet wint verhuizen we naar Amsterdam.”