tip: Roberto Rodríguez

baila gitano bailaEén van de mooiste concerten die ik in het voormalige Tropentheater zag was van de Joods-Cubaanse Roberto Rodríguez. Op het label van John Zorn bracht deze percussionist/componist prachtige cd’s uit met een sterke hybride van Cubaanse en Joodse muziek, gecombineerd met die typisch New Yorkse Zorn-attitude.

Latin is een ietwat problematisch genre, net als tango kent het een overduidelijke Gouden Era, die tegenwoordig in allerlei vormen gerecyclet wordt. Echt originele interpretaties van latin zijn schaars, maar Rodríguez behoort hier zeker toe – vooral Baila! Gitano baila! is niet te missen.

Deze week komt Rodríguez met een Zorn programma naar Tilburg en Utrecht. Repertoire van de cd Aguares zal worden gespeeld. Zijn label schreef over deze release:

“Roberto Rodriguez’s dynamic blending of Cuban music with the Jewish tradition has produced some of the most popular and best selling CDs on the Radical Jewish series. Here he turns his brilliant arranging skills and fabulous all-star ensemble to nine beautiful melodies from Zorn’s lyrical Book of Angels. Recorded in Israel with some of the strongest musicians out of the exciting Israeli music scene the music is at once familiar and surprising, touching on traditions while bringing them into the 21st century with imagination, wit and a passionate creativity.”

Vrijdag 29 april in Paradox (Tilburg) en zaterdag 30 april in RASA (Utrecht). Cd’s: Roberto Juan Rodríguez, El danzon de Moises (Tzadik, 2002), Septeto Rodríguez, Baila! Gitano baila! (Tzadik, 2005), Roberto Rodríguez, Aguares – The book of Angels volume 23 (Tzadik, 2014). Rodríguez speelt in de volgende kwartetbezetting:

  • Roberto Rodríguez – drums, percussie
  • Jonathan Keren – viool
  • Alon Nechustan – piano
  • Bernie Minoso – bas
Advertenties

Braziliaanse melancholie

“Stel je voor, lezer, dat de eeuwen waren ingekrompen en langstrokken in een stoet, alle eeuwen, alle volksstammen, alle hartstochten, het tumult der wereldrijken, de oorlogen uit hebzucht en uit haat, de wederzijdse vernietiging der levende wezens en der dingen. Dat was het schouwspel, een wrang en wonderlijk schouwspel. De geschiedenis van de mens en van de aarde kreeg aldus een intensiteit die verbeelding noch wetenschap haar zouden kunnen geven, want de wetenschap is te traag en de verbeelding te vaag, terwijl wat ik daar zag de levende verdichting aller tijden was. Om dit te beschrijven zou men de bliksem moeten kunnen stilzetten. De eeuwen trokken in een werveling voorbij, en desondanks (…) zag ik alles wat voor mij langsging, plagen en genietingen, van datgene wat men roemt tot dat wat ellende heet, en ik zag hoe de liefde de ellende vermenigvuldigde, en ik zag hoe de ellende de menselijke zwakheid vergrootte. Daar kwamen de hebzucht die verslindt, de toorn die verteert, de afgunst die kwijlt, en de spade en de pen, beide nat van zweet, en de eerzucht, de honger, de ijdelheid, de melancholie, de rijkdom, de liefde, en alle schudden de mens, als een koebel, tot ze hem vernietigden, als een vod. Het waren de verscheiden vormen van eenzelfde kwaad, dat nu eens aan de ingewanden vrat, dan weer aan het denken vrat, en eeuwig ronddanste, in zijn harlekijnspak, rondom de menselijke soort.

Pijn week af en toe, maar ze week voor onverschilligheid, die een droomloze slaap was, of voor genot, wat een verbasterde pijn was. Dan snelde de mens, gegeseld en opstandig, voor de fataliteit der dingen uit, achter een schimmige en schuwe gedaante aan, gemaakt van lappen, een lap ontastbaarheid, een lap onwaarschijnlijkheid, een lap onzichtbaarheid, slordig aan elkaar genaaid, met de naald der verbeelding; en deze gedaante – niets minder dan het droombeeld van het geluk – of ontvluchtte de mens gestadig of liet zich bij een slip pakken, en de mens drukte haar aan zijn borst, en dan lachte zij honend, en vervloog, als een illusie.”

Machado de Assis, Posthume herinneringen van Brás Cubas (‘Memórias póstumas de Brás Cubas’, 1881, Ned. vertaling August Willemsen, 2009)