memoires van een alawiet

halaceliHoe geopolitiek het individu bijna verpletteren kan, dat is het verbijsterende levensverhaal van Sulayman Hadj Ali. De Arabisch-Turkse schrijfster en researcher Meltem Halaceli (Hengelo, 1978) publiceerde onlangs een bewerking van de memoires van deze man, haar grootvader. In de turbulente nadagen van het Osmaanse Rijk en de opkomst van de Turkse republiek werd deze Hadj Ali een speelbal van grotere machten. Zodra hij wordt opgeroepen voor de seferberlik (de dienstplicht in het Osmaanse rijk tijdens de Eerste Wereldoorlog) neemt zijn leven een dramatische wending.

Halaceli kwam tijdens haar studie op het spoor van deze memoires, die een unieke en vaak ontroerende blik geven op het leven van een frontsoldaat in de hier in Nederland veel minder bekende Eerste Wereldoorlog, zoals die in het Osmaanse Rijk werd uitgevochten. Lang zocht ze naar een vorm om recht te doen aan de intense beschrijvingen van haar grootvader. Uiteindelijk koos ze voor een deels letterlijke, deels literaire vertaling, gecombineerd met passages in het heden, waarin ze praat met familieleden in Adana en met kunstenaars in Beiroet, om meer te begrijpen van de oorlogservaring van haar grootvader.

“Hoe meer ik over het ontstaan van de Turkse Republiek lees, hoe meer ik erachter kom hoe ambivalent het land om is gegaan met minderheden. Op een gegeven ogenblik ben ik ook begonnen met het verzamelen van beelden, rijmpjes, raadsels en verhalen. De reden ervoor was het schrijven van dit verhaal en de actualiteit in de regio. Cultureel residu bij elkaar schrapen.”

Sulayman Hadj Ali moest aan den lijve ervaren wat nationbuilding à la Atatürk betekende. Taal en cultuur van minderheden werden middels een landelijk programma op alle niveau’s tegengewerkt. Halaceli beschrijft heel raak dat zelfs wetenschappelijk onderzoek doen naar minderheden in de archieven van het huidige Turkije met achterdocht en bureaucratische tegenwerking wordt ontmoedigd. De cultureel diverse bronnen van modern Turkije staan onder stroom: verhalen die hiervan getuigen en hun onderzoekers komen ogenblikkelijk in een politiek vizier te staan.

De historische ontwikkelingen in de regio waarin dit levensverhaal zich afspeelt zijn duizelingwekkend complex, maar door middel van heldere interventies van Halaceli raakt de lezer het spoor niet bijster. Met evenveel gemak legt de schrijfster connecties met het heden. Voor wie de Afrikaanse dekolonisatiegeschiedenis kent, maar minder goed op de hoogte is van die van het Midden-Oosten is dit boek verplichte kost.

Zonder zich te buiten te gaan aan morele verontwaardiging toont Halaceli een zorgwekkend vertrouwd motief in de wereldgeschiedenis: eigenbelang en een volmaakt eurocentrische mindset zonder enig oog voor lokaal belang lieten de Britse en Franse machten na diverse conflicten aan de ontwerptafel lijnen trekken die tot op heden hun doorwerking hebben in misère. Subtiel legt Halaceli de verbanden, waarmee sommige passages (de frontervaring, de bombardementen, de overtocht van Hadj Ali als Brits krijgsgevangene naar Egypte) de geschiedenis ontstijgen en een universele dimensie krijgen.

Tegen deze achtergrond krijg je steeds meer sympathie voor Sulayman Hadj Ali, en de wijze waarop hij zijn memoires aan het papier besloot toe te vertrouwen. Deemoedig verontschuldigd Hadj Ali zich voor zijn ongeschoolde schrijfstijl, maar hoe mooi dat zijn oproep aan een hem onbekende, toekomstige lezer niet in onvruchtbare aarde viel. Met dit boek schiep Halaceli een even complex als meeslepend beeld van een man, een minderheid en een land in één van de meest turbulente fases van hun bestaan. Lees verder

Advertenties